Licht en donker sturen je biologische klok. Draag na je nachtdienst een zonnebril op weg naar huis, zodat je lichaam niet denkt dat het dag is. Je valt daarna makkelijker in slaap. Zorg tijdens je dienst voor veel licht, bijvoorbeeld met een daglichtlamp. Dat helpt om wakker en alert te blijven.
Geef jezelf 1 à 2 uur de tijd om tot rust te komen voordat je gaat slapen. Doe iets waarvan je ontspant, zoals lezen, rustige muziek luisteren of een warme douche nemen. Blijf je piekeren? Schrijf je gedachten op voordat je naar bed gaat. Zo maak je je hoofd leeg en val je makkelijker in slaap.
Koffie helpt om wakker te blijven, maar cafeïne blijft lang in je lijf zitten. Stop daarom minstens 6 uur voordat je wilt slapen met koffie. Werk je 's nachts en wil je rond 08.00 uur naar bed? Drink dan om 02.00 uur je laatste kop. Let op: cafeïne zit ook in energiedrank, cola, zwarte en groene thee. Stap daarom op tijd over naar kruidenthee, water of warme melk. Ook goed eten tijdens je nachtdienst helpt tegen energiedips en zorgt ervoor dat je daarna beter slaapt.
En natuurlijk op de juiste momenten slapen. Of een dutje doen.
