bewaar
Risotto met tuinbonen, citroen en pecorino
Risotto met tuinbonen, citroen en pecorino
bewaar

Risotto met tuinbonen, citroen en pecorino

Zo maak je een echte Italiaanse risotto! Hierna wil je niet anders meer.

30 min. bereiden
27waarderingen

Ingrediënten

4 personen

700 g

diepvries tuinbonen

2

groentebouillontabletten

1½ liter

kokend water

4

sjalotten

80 g

ongezouten roomboter

300 g

Arborio risottorijst

200 ml

droge witte wijn

100 g

Pecorino Romano

2

citroenen

Zo maak je een echte Italiaanse risotto! Hierna wil je niet anders meer.

Aan de slag

1

Breng een pan water aan de kook en kook de tuinbonen 3 min. Spoel af met koud stromend water en laat uitlekken in een vergiet.

2

Los de bouillonblokjes op in het water. Houd dit warm op laag vuur.

3

Snipper de sjalotten heel fijn. Smelt 50 g boter (per 4 personen) in een hapjespan. Fruit de sjalotsnippers op laag vuur 4 min. tot ze glazig zijn, maar niet bruin.

4

Voeg de rijst toe en roer 2 min. door tot de rijst glazig is. Schenk de witte wijn er in één keer bij en roer 1 min. op hoog vuur door tot het vocht is opgenomen door de rijst.

5

Voeg een scheutje warme bouillon toe aan de rijst en blijf roeren tot deze is opgenomen. Herhaal dit scheutje voor scheutje met de rest van de bouillon en kook op middelhoog vuur tot de risotto beetgaar is. Dit duurt ca. 15 min. De risotto is klaar als het een romig geheel is; het mag zelfs nog een beetje nat zijn.

6

Rasp ondertussen de pecorino. Boen de citroenen schoon en rasp de gele schil. Dop de uitgelekte tuinbonen door het buitenste, lichtgroene velletje er met je vingers af te halen. Je houdt nu alleen de felgroene boontjes over. De velletjes gebruik je niet.

7

Breng de risotto op smaak met peper en zout en schep de tuinbonen en ⅔ van het citroenrasp erdoor. Warm dit 1 min. door. Neem de pan van het vuur en roer de helft van de geraspte pecorino en de rest van de boter door de risotto. Bestrooi de risotto met de rest van de kaas en de rest van het citroenrasp en serveer.

bewaartipRisotto maak je echt à la minute. Later opwarmen is niet de bedoeling, ook omdat de rijst dan snel te gaar en plakkerig wordt. Heb je veel risotto over? Vorm er dan met natte handen balletjes van, rol ze door een geklutst ei en wat paneermeel en frituur ze. Deze risottoballetjes heten arancini!

achtergrondinfoDoor het scheutje voor scheutje toevoegen van de warme, smakelijke bouillon, wordt de rijst langzaam gaar, maar blijven de korrels in de kern nog stevig. Roer regelmatig, maar ook niet te vaak – dan breken de korrels eerder. Het resultaat is een ‘vloeibaar’ rijstgerecht, bijna als een soort romige saus. De kaas en boter, die je toevoegt als de pan al van het vuur is, maken het helemaal af. Dit afmaken met boter wordt ook wel mantecatura genoemd.

variatietipIn plaats van tuinbonen kun je ook tuinerwten, babyspinazie of groene asperges gebruiken.

variatietipGebruik dan het sap van een halve citroen in plaats van de witte wijn. Voeg eventueel nog wat extra bouillon toe.