8 verschillende Bloementuintjes

Wil jij de Nederlandse insecten helpen? Plant dan bloemen die hier van nature voorkomen. In bijna alle Bloementuintjes vind je zo’n inheemse bloem. En wist je dat sommige insecten alleen maar op één soort bloem vliegen? En dat bloemen het niet alle insecten even makkelijk maken om er vandoor te gaan met een lekker maaltje? Ieder Bloementuintje heeft een verhaal.

Paarse bloemenmix

Als insect moet je tong heel ver kunnen uitsteken om bij de nectar van de veldsalie te kunnen komen. Bijna alleen hommels kunnen daar met hun tong bij.

Roze bloemenmix

De blaadjes van de wilde marjolein worden in de keuken als oregano gebruikt, naast een mooie bloem is het dus ook een lekkere. Op de nectar van de roze bloemetjes komen veel vlinders af.

Witte bloemenmix

De reseda ruikt heerlijk en de kleine bijensoort die er op af komt naar deze bloem is vernoemd. Het is de reseda-maskerbij, let maar eens op of je dit bijtje bij de reseda bloementjes ziet.

Rode bloemenmix

De klaproos bloeit maar heel kort. Bijen zoals groefbijen moeten er dus snel bij zijn als ze het donkergekleurde stuifmeel willen proeven. Pluk de klaproos niet.

Gele bloemenmix

Meisjesogen zijn heel soms in de wilde natuur te vinden, maar daar horen ze eigenlijk helemaal niet thuis. Het zijn bloemen die door onszelf in onze voor- en achtertuinen zijn geplant.

Blauwe bloemenmix

De korenbloemen zijn voor wilde bijen een soort restaurantjes. De zoete nectar zit niet alleen in de bloem maar ook op de schutblaadjes van de knop.

Zonnige bloemenmix

Een zonnebloem is niet gewoon een bloem, maar hij bestaat uit heel erg veel minibloemetjes. Na de bestuiving door bijvoorbeeld zweefvliegen groeien die bloemetjes uit tot zonnebloempitjes.

Regenboog bloemenmix

De gekleurde blaadjes van de zomeraster hebben als enige functie het lokken van verschillende insecten. Bijen komen op de vrolijke kleuren af, maar alleen in het gele hartje is stuifmeel te vinden.